Waar had Mosasaurus, naast zijn gewone kaaktanden, nog meer tanden?
Mosasaurus was een reusachtig zeereptiel uit het Laat-Krijt. Naast de opvallende tanden in boven- en onderkaak had hij nog een extra “wapen”: tanden op de pterygoïden, de vleugelbeenderen van het gehemelte. Het Natural History Museum bevestigt de aanwezigheid van deze zogenoemde pterygoïde tanden rechtstreeks aan de hand van Mosasaurus-fossielen. Deze extra tanden hielpen waarschijnlijk om glibberige prooien vast te houden en verder naar de keel te voeren. Bij sommige slangen komt tegenwoordig een in beginsel vergelijkbare rangschikking van gehemeltetanden voor. Mosasauriërs waren overigens geen dinosauriërs. Ze behoorden tot de schubreptielen, dezelfde grote reptielengroep als hagedissen en slangen. Hun precieze positie binnen die groep wordt nog steeds onderzocht. Tegen het einde van het Krijt behoorden mosasauriërs tot de belangrijkste grote roofdieren van de zeeën.
Mosasaurus had extra tanden op de pterygoïden van het gehemelte, die hielpen om prooien vast te houden.


